Home » Overige ziekten » Endocriene ziekten » Diabetes symptomen

Diabetes symptomen

Wat is diabetes?

Wat is diabetes? - Symptomen en behandeling

Diabetes symptomen, oorzaak en bhandeling. Waarschijnlijk lijden in Nederland meer dan 1 miljoen mensen aan diabetes (suikerziekte) en het is daarmee één van de meest voorkomende aandoeningen. De officiële naam is diabetes mellitus. Suikerziekte wordt gekenmerkt door een te hoog bloedglucose(suiker)gehalte. Normaal gesproken schommelt het suikergehalte in het bloed tussen nauwe grenzen, maar bij suikerziekte wordt deze te hoog. Het teveel aan suiker wordt door de nieren uitgescheiden en plas je uit. Glucose bindt water. Hierdoor verspil je veel water en krijg je dorst, een kenmerkend symptoom van suikerziekte.



Het lichaam haalt bloedsuiker of bloedglucose vooral uit voeding. Koolhydraten die je eet, zoals in brood, aardappelen, rijst en andere zetmeel bevattende voedingsmiddelen, maar ook in suiker en allerlei zoete voedingsmiddelen, komen (via de darm) als glucose in het bloed. De cellen van de weefsels hebben glucose nodig voor de vorming van energie. Iedereen heeft daarom een bepaalde hoeveelheid glucose in het bloed en het glucosegehalte wordt gecontroleerd door hormonen. Er zijn hormonen die het glucosegehalte verlagen en weer anderen kunnen het verhogen. Insuline is het belangrijkste glucose-verlagende hormoon. Dit hormoon zorgt ervoor dat glucose uit het bloed in de lichaamscellen wordt opgenomen. Het glucose-gehalte varieert bij gezonde mensen tussen nauwe grenzen. De alvleesklier maakt insuline aan en wanneer het glucose-gehalte in het bloed stijgt -bijvoorbeeld na een maaltijd, een drankje of een tussendoortje- dan maakt de alvleesklier extra insuline aan. Het teveel aan glucose wordt tijdelijk opgeslagen in de lever en de spiercellen en kan op een later tijdstip, wanneer het bloedglucosegehalte te ver zou dalen, weer aangesproken en in het bloed wordt teruggebracht.

In geval van suikerziekte is bovengenoemd regelsysteem ontregelt. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen type I diabetes, vroeger 'jeugddiabetes' of 'insulineafhankelijke diabetes' genoemd en type II diabetes, vroeger 'ouderdomsdiabetes' of 'niet-insulineafhankelijke diabetes' genoemd.

Type I diabetes ontstaat vaak voor het 40e levensjaar. Diabetes type 1 is een auto-immuunziekte, waarbij je afweersysteem per ongeluk je cellen die insuline aanmaken vernietigen. Bij dit type speelt erfelijke aanleg een rol. De ziekte begint vaak vrij acuut, dat wil zeggen binnen enkele dagen of weken. Zonder behandeling met insuline zal iemand met type I uiteindelijk aan de ziekte komen te overlijden.

Vroeger kregen vooral oudere mensen diabetes type 2, maar tegenwoordig krijgen ook steeds meer jonge mensen het, zelfs kinderen. Diabetes type 2 is de meest voorkomende soort diabetes. Negen van de tien mensen met suikerziekte hebben diabetes type 2. Er zijn een aantal factoren die bijdragen aan het ontstaan ervan, waarvan overgewicht de belangrijkste is. Als je te dik bent komen vrije vetzuren uit de vetcel vrij. Deze verstoren de functie van bètacellen, dat zijn cellen in de alvleesklier die insuline aanmaken. Als gevolg hiervan kan het lichaam de bloedsuiker niet meer goed regelen (er is te weinig van het hormoon insuline in je lichaam aanwezig). Daarnaast verminderen deze vrije vetzuren de gevoeligheid voor insuline in de weefsels. HIerdoor kan het lichaam niet meer adequaat reageren op insuline (er treedt 'insulineresistentie' op). Erfelijkheid is een andere factor van betekenis. Stress en medicijnen kunnen het begin van de ziekte uitlokken. Verder speelt etnische afkomst een rol. Suikerziekte komt relatief vaker voor bij Hindoestanen.

Wat zijn de symptomen van diabetes?

Bij type I diabetes openbaren de symptomen zich vaak snel en ze vallen daardoor ook op. Bij type II diabetes ontstaan de symptomen erg geleidelijk, zodat het vaak niet eens opvalt. Het beloop kan zo sluipend zijn en de klachten kunnen soms zo gering zijn dat er niet eens aan suikerziekte wordt gedacht. De diabetes kan soms maanden of zelfs jaren aanwezig zijn, voordat de diagnose wordt gesteld. Het kan ook zijn dat de diagnose bij toeval wordt gesteld, bijvoorbeeld tijdens een keuring of check-up. De aandoening kan ook aan het licht komen als gevolg van één van de chronische complicaties die worden veroorzaakt door beschadiging van diverse organen. Het niet goed onder controle houden van het bloedglucosegehalte geeft een groter risico op het laten ontstaan van complicaties. Veel van die complicaties zijn het gevolg van beschadiging van de bloedvatwanden.

De symptomen die kunnen optreden bij diabetes zijn:

  • veel plassen (als gevolg van te hoog bloedsuiker);
  • hevige dorst en daardoor veel drinken (het verloren gegane vocht moet worden aangevuld);
  • moeheid en gebrek aan energie (als gevolg van het tekort aan glucose in de weefsels);
  • gewichtsverlies en hongergevoel (bij type II neemt het gewichtsverlies daarentegen vaak toe);
  • sufheid (wat kan wijzen op een ernstige ontregeling wat ontstaat bij verzuring -een teveel aan ketonen in het bloed, maar het kan ook duiden op een veel te laag glucosegehalte in het bloed, 'hypo' genoemd);
  • jeuk (doordat de huid uitdroogt als gevolg van dagelijks verlies van vocht door overmatig urineren);
  • slechter gaan zien (wat voortkomt uit zeer hoge of sterk wisselende bloedglucosewaarden wat het gezichtsvermogen beïnvloedt);
  • dubbelzien (als je een bepaalde kant opkijkt, wat veroorzaakt wordt door een verlamming van één of meer oogspiertjes door beschadiging van een zenuw die de oogspiertjes bestuurt);
  • verminderde weerstand tegen infecties (wat veroorzaakt wordt door een te hoog glucosegehalte, hetgeen waarschijnlijk van invloed is door een verslechterde werking van witte bloedlichaampjes);
  • slecht genezende wondjes;
  • seksuele problemen (erectieproblemen).

 

Hoe wordt diabetes behandeld?

Bij diabetes type 1 maakt het lichaam geen insuline meer aan. Er is op dit moment nog geen manier om dat te genezen. De enige behandeling voor diabetes type 1 is van buitenaf insuline injecteren, een paar keer per dag. Ook moet iemand zelf een paar keer per dag de bloedsuiker (bloedglucose) meten. Dit doe je met een bloedglucosemeter, die je kunt kopen bij de apotheek of een postorderbedrijf voor diabeteshulpmiddelen. Aan de hand hiervan weet je hoeveel insuline er op dat moment nodig is. Insuline spuiten doe je met behulp van een insulinepen ter grootte van een vulpen. De meeste mensen spuiten insuline onderhuids (subcutaan) in het bovenbeen of in de buik, soms in een bil of de bovenarm. In het begin moeten sommige mensen een paar dagen worden opgenomen in een ziekenhuis, zodat ze kunnen worden ingesteld op de juiste insulinedosering voor een stabiele bloedsuikerspiegel. Bij type I diabetes zijn een regelmatig gezonde voeding en levensstijl van prominent belang. Patiënten met type I diabetes worden begeleid door de internist en de diabetesverpleegkundige.

Mensen met diabetes type 2 krijgen meestal medicijnen en daarnaast voedings- en bewegingsadviezen. Het is bekend dat lichaamsbeweging ervoor zorgt dat het lichaam beter reageert op het hormoon insuline. Als de bloedsuikerspiegel met tabletten niet meer laag genoeg blijft, moet je tevens insuline erbij gaan spuiten. Er zijn tabletten twee soorten tabletten. Er zijn pillen die de alvleesklier aanzetten tot het aanmaken van meer insuline en er zijn pillen die het lichaam gevoeliger maken voor insuline.

Geraadpleegde literatuur:

- Dr. Jan Wilem Elte. Diabetes en nu? Kosmos Uitgevers BV, Utrecht, 10e druk, september 2011.

- Hans Koch & Peter van Druenen. Diagnosewijzer - 200 aandoeningen: symptomen, diagnose, behandeling. Terra Lannoo BV, Arnhem, 2009.

- www.diabetesfonds.nl


Geschreven door

 



 

Lees verder



Endocriene ziekten

Endocriene ziekten - Symptomen en behandeling

Home

Home - Symptomen en behandeling